Geschreven door Willem Barnard met 1 Petrus 5, 5-11 in het achterhoofd.--
lezing derde zondag na Pinksteren (evangelie gaat dan over het verloren
schaap. Zoekende
herder, briesende leeuw...)
Melodie Mit Ernst o Menschenkinder > Von Gott will ich
nicht lassen / Allemande la Nonette / Une jeune fillette. - U vindt wel
een mooie zetting of een blokfluitgroep, of een luitenist... [zelfde wijs bij
Liedboek 126 - verwacht de komst des Heren = LB2013, nr. 439]
1 Wie zich hovaardig heffen, die zal God wederstaan, maar wie zachtmoedig leven, ziet Hij genadig aan. Daarom, houdt u gereed, voegt u gewillig samen, elkander onderdanig, ootmoedigheid uw kleed.
2 Zo buigt u dan terneder en kust de hand van God die krachtig is en teder en klaagt Hem al uw nood, opdat Hij u verhoogt wanneer de dag zal dagen, dat alles is voldragen, de ochtend van de oogst.
3 Uw vijand niets ontziende gaat als een leeuw op roof en zoekt u te verslinden, sta vast in het geloof, weest nuchter dan en waakt en draagt uw deel van 't lijden dat tot het eind der tijden ter wereld wordt volbracht.
4 De God aller genade die u geroepen heeft, die zal u wel bewaren, zo waar Hij eeuwig leeft. Lijdt nog een kleine tijd, God zal u niet begeven, Hij staaft en sterkt uw leven, en geeft u zekerheid.