| dimanche, 01 février 2009 |
|
|
de melodie van psalm 138 en Une pastourelle gentille
Psalm 138 bevat de enige chansonmelodie die – met overigens vrij belangrijke modificaties, zie onder – in het Geneefse psalter aanwezig is. De 37 andere voorbeelden die O. Douen aanhaalde in zijn boek (Clément Marot et le Psautier Huguenot, 2 dl. Parijs, 1878/1879) om zijn stelling dat veel psalmmelodieën op chansons zijn geínspireerd, zijn al vroeg in de de 20ste eeuw gefalsifieerd, maar toch hoor je de stelling nog geregeld. Naast psalm 138 blijft eigenlijk alleen nog het mooie verhaal overeind dat psalm 72 gezongen wordt op de wijs van een chanson ‘Petite Camusette’ en dat psalm 66 (melodie van 118) wel eens geklonken heeft au son de la cornemuse… , d.w.z. met een doedelzak. Over deze twee een apart artikel (nog in bewerking)
gegevens en analyse : Pierre Pidoux, Franc, Bourgeois, Davantès, leur contribution à al création des mélodies du psautier de Genève, 2 dln. Genève 1993), onuitgegeven studie. de verwantschap tussen psalm 138 en de Noël Une pastourelle gentille worden geanalyseerd dl. 1 p. 61-63
De melodie van psalm 138 (vanaf 1543; voor de melodie tussen 1539-1542 zie apart artikel) is verwant aan een chanson van Clément Marot (opgenomen in Pierre Attaignant; Trente huit chansons musicales, Paris 1530): Une pastourelle gentille. Ik schreef chanson, maar beter is : een Noël. Blijkbaar een zeer populair chanson/Noël want ook in het door Dirk Sweelinck geredigeerde Livre Septième. dat is het boeck van de zangh-kunst, Amsterdam 1641 komt dit lied nog voor in een rijkelijke 4-stemmige bewerking van Hubertus Waelrant. De melodie van psalm 138 is degene die ook in de huidige psalmboeken bij psalm 138 te vinden is. Trouwens: via de psalmversie van Guillaume Franc (want hij is degene die in 1543 de melodieën voor het psalter beheerde, desgevallend reviseerde of componeerde) ligt deze melodie ook ten grondslag aan een Duits gezang ‘Mit Freuden zart’ (Evg. Gesangbuch 106 / Liedboek 216), een lied van Georg Vetter uit 1566 (Boheemse broeders, een groep christenen aan wie de gemeentezang veel te danken heeft !). Hieronder de beide melodieën... (boven de Noël, chanson
Als je beide melodieën vergelijkt zie je al snel het volgende:
De vraag die overblijft is een intrigerende. Waarom koos Marot voor een - binnen het psalmboek - vrij grillige versopbouw die m.i. niet opvallend parallel loopt aan het chanson èn waarom is de melodie dan toch wel nauw verwant ? iets wat bij geen andere psalmmelodie kan worden aangetoond (alhoewel het wel vaak wordt beweerd). Ik zie het zo... (Marot woonde in de tijd dat hij in Geneve werkte (o.a. aan deze psalm) vlakbij de melodie componist chantre Guillaume Franc. Zeg Guillaume, zegt Marot, Calvijn heeft me laten weten dat hij vindt dat zijn bewerking van psalm 138 uit de volgende editie van het liedboek moet verdwijnen. Mij spreekt die melodie niet erg aan en ik vind die versvorm ook niet erg inspirerend.... Ik ben al begonnen, maar mijn eigen kerstliedje zat in m'n hoofd, je weet wel... Une pastourelle gentille... en dus is het een beetje vreemde vorm geworden... Oh, zei Franc, geef die tekst maar eens dan zal ik eens kijken. Best een mooie melodie trouwens ! k Zal eens zien of ik er wat mee kan doen... Die dalende reeks van 'Roger, Berger etc.... moet er wel uit natuurlijk en die melismes ook... En dan nog wat Poids et majesté convenant au sujet... toevoegen... Dat wordt een mooie psalm.... Prima, zei Marot en zo geschiedde..
Marot : chanson XXIV en XXV uit l’adolescence clémentine (1529)
en pseaulme 138 (1543)
|
This site was last updated mardi, 08 mai 2007